“Opgeruimd staat netjes,” zou mijn moeder gezegd hebben!
Ik herhaal: Mijn eerste blogs schreef ik hier – op web-log.nl en toen kwamen er verbeteringen maar, na meer dan een halve eeuw in Sydney had ik last met de technische uitleg en mijn blogs waren verp… (Niet zoals ze geweest waren.
Nu het mij wat duidelijker is hoe het moet (90% begrijp ik het) zie ik dat dit verhaal (hier onder) verkeerd zat en in de knel.
Via facebook, heb ik pas kort geleden vernomen dat Stuart overleden is. (Het zou mij niets verwonderen als dat kwam door zijn life-style.) Zo jammer. Die man had VEEL talent.
Stuart
Ik las in 'Gelukkig met Vrienden", van Janke Greving, over: oude vrienden opzoeken, via het internet.
Zo zocht ik daarnet even naar Stuart (Of was het nu, Stewart? dacht ik) en ik ben bang dat ik zijn bericht van overlijden gevonden heb. Ik hoop van niet.
(Ik weet nu dat dat WEL zo was. – 22 juli, 2010)
Maar ik lees:
10 september, 1992. Leeftijd 50 jaar. Opgegroeid in de Riverina, het gebied ten zuiden van Sydney. Die gegevens zouden kloppen.
Ik heb ook gezocht naar een plaatje om hier bij te zetten en dat wil ook niet lukken.
- Je hebt soms van die dagen. – Ik heb duizenden foto's. Een paar honderd dia's. Veel negatieven. 8 mm films die ik niet meer bekijken kan. Ik WEET dat hij op mijn films staat en ik kan foto's voor me halen die ik van hem heb.
Deze vriendschap begon, in het jaar dat ik terug kwam naar Sydney, uit Bourke. Ik mocht terug naar Sydney en werd overgeplaatst naar een school die ik (bijna) zelf mocht kiezen. Want ik begon een cursus. Het werd: Art Teachers Conversion Course genoemd. Het doel was om van basisschool leerkrachten kunstleraars te maken.
4 avonden per week. 4 weken in de grote vakantie. Vier jaren lang was die cursus. Ik heb het niet afgemaakt.
.
Stuart kon veel beter schilderen dan ik. Hij nodigde me een keer uit voor koffie. Hij woonde in een flat, dicht bij Coogee Beach.
In de jaren 1969-1971, stapte ik nogal eens in mijn volkswagentje, als Sydney op Zaterdagmiddag of Zondagmiddag weer helemaal doodstil was en maakte dan een ritje langs mijn favoriete stranden. En dan belde ik nogal eens bij hem aan. <br/>
Hij deed dan de deur open met zo'n elegante zwaai van de arm. Ik kreeg dan koffie in een beker die een beetje naar afwasmiddel rook.
We zaten dan graag te praten en te roddelen over ons werk. Want hij stond natuurlijk ook voor de klas op een basisschool. Niet ver van mij vandaan, in Maroubra Junction.
Aan zijn muren hingen zijn schilderijen. De grootste waren van naakte mannen. Gebaseerd op de tekeningen die wij moesten maken voor de cursus. Die mannen lagen dan allemaal over elkaar heen. Dat waren dus combinaties van de verschillende tekeningen van individuele 'models', in onze 'live drawing classes'.
Alles was bij Stuart heel netjes. er was zelfs een net potje, in het toilet, voor de poes.
Sommige mensen die 'gay' zijn doen net alsof zij het niet zijn. Sommige doen juist overdreven dramatisch. Stewart was daar tussen in.
Natuurlijk deed hij aan toneel. Natuurlijk maakte hij veel gebaren met zijn handen als hij iets vertelde. En natuurlijk had hij een manier van zich uitspreiden op de bank. Hij droeg zeer kleurrijke shirts (bloezen) die hij zelf ontworpen en gemaakt had. Op zijn balkonnetje, hingen, op die zaterdag of zondagen meestal zijn onderbroeken te drogen.
Wat zijn manier van schilderen betrof, werd het vaak (ook door hijzelf) gezegd dat ze te 'chocolate-boxie' waren. Dat wil zeggen. TE realistisch. 3D. Maar hij had duidelijk talent. <br/> <br/> In 1971 had ik genoeg van die cursus. Veel te veel uren om dan uiteindelijk op de middelbare scholen kunstles te geven, in -toen – veel gevallen aan kinderen die het onderwerp kozen omdat andere vakken te moeilijk waren.
Ik had het ook veel te veel naar mijn zin op de basisschool waar ik toen werkte. En concentreerde me dus liever op promotie, in het basissysteem. En dat lukte.
Stuart maakte de cursus af. Werd overgeplaatst naar het Tamworth District, als Art Advisor en later las ik ergens in een krant dat hij werkte als set designer, voor DE bekendste theaters in Sydney.
Misschien heb ik de verkeerde. Maar ik lees (vrij-vertaald):
Zijn kleder, Stewart Xxxxxxx, zoals altijd, was een vaste burcht. "Door hem bleef ik gezond van geest gedurende het gehele seizoen (van de show: Les Miserables, in het Theatre Royal, van Sydney).<em> Ik ben hem heel erg dankbaar," zegt -de zeer bekende Australische acteur-, die een tekening van zichzelf als Javert, gedaan door Stewart met trots aan zijn muur heeft hangen."
En….de enigste andere gegevens die ik vind, via Google, betreffen het overlijden van een man van de juiste leeftijd, uit de steden waar mijn vriend vandaan kwam, in 1992. Geeft een beetje triest gevoel, dat ik hem nooit meer ontmoet heb.
30 mei 2006


Deze keer was het dus heel anders.
Hier onder, wil ik vertellen over vrienden die ik ken en gekend heb. Het valt mij op dat de eersten waar ik aan dacht mannen zijn. Toch heb ik niet gelogen, in het boek van Janke Greving (Gelukkig met Vrienden.)






Een jong gezin kreeg, in 1954(?), in Gouda, een flat toegewezen en mijn ouders wilden daar best wonen. Zodoende ruilden zij hun woning voor die flat en leerden die twee gezinnetjes elkaar kennen. Allebei de gezinnetjes bestonden uit twee ouders en xe9xe9n kind en zo komt het dat dit meisje en ik in die eerste foto samen muziek maakten. Zij zingen. Ik spelen. (“Altijd is Kortjakje ziek, zal het wel geweest zijn, denk ik.)
Op het schip deelde het meisje en ik een cabine. Ik sliep boven. Zij beneden. Zo hoort het! Onze ouders hadden geruild met een echtpaar dat terugkeerde naar Australixeb. Onze ouders deelden zodoende een kajuit(?) en het meisje en ik die van ons met de man en vrouw die terug naar Nederland waren geweest, op vakantie. Via verschillende kampen, oftewel migrant hostels, kwamen de twee gezinnetjes terecht in Matraville. Eerst nog in het ‘hostel’ daar en daarna deelden wij een oud huis.
Toen onze ouders alle vier hard moesten werken om hun nieuwe leven op te bouwen, in Sydney, had ik het gevoel alsof ik wat verantwoordelijk was voor dit jongere soort ‘zusje’.
Of dat in werkelijkheid zo was zal wel een grote vraag zijn. Wat ik mij vooral herinner van die jaren is dat zij gelukkig een kinderziekte kreeg en dat daarom de ouders besloten een t.v. te kopen.
Dat vooral eens per week we allemaal er voor gingen zitten om naar I Love Lucy te kijken. (Ik heb vaak gezegd dat onze moeders een beetje een zelfde soort relatie hadden als ‘Lucy’ en ‘Ethel’. Haar moeder durfde nogal wat. Had lol in ergens op uit te gaan en mijn moeder, ongeveer 15 jaar ouder, deed altijd wel mee.) ‘sMorgens, voor school keken zij en ik naar ‘Crusader Rabbit’ en ook naar ‘The Mouseketeers’. Wat een invloed op ons leven! Zij zat op de basischool, een paar straten verderop. Ik zat op de middelbare school, behoorlijk ver weg. Tegen onze ouders spraken wij Nederlands. Tegen elkaar, in dezelfde conversatie, Engels.
Haar ouders misten Nederland. Zij gingen terug. Maar na enige tijd kwamen zij toch weer (met hebben en houwen, is geloof ik de uitdrukking) terug naar ons huisje in het zuiden van Sydney. Zij was toen behoorlijk veranderd. Was geen klein meisje meer.



Daar zit ik, naast Tony(?) den Uyl. Haar broer, Niek was 3 jaar ouders dan ik. Wij waren behoorlijk goede vrienden. Ik herinner me hoe er een gat in de muur was, tussen onze huizen, onder de trap, in de kast. Dus, met een touwtje en twee busjes, hadden wij een huis telefoon.